Oerend Hard
Ik had al een paar keer de schaatsen onder gebonden want wij beleefden deze eerste dagen van februari 2012 een echte koudegolf. Zelfs een Elfstedentocht leek tot de mogelijkheden te horen, maar die werd op het laatste moment toch afgezegd want na het weekend van 11 en 12 februari werd invallende dooi voorspeld. De IJsclub Glanerbrug floreerde en dagenlang was het een gezellige drukte. Ook ik maakte mijn rondjes. Op TV en in de dagbladen werd verslag gedaan van de vele wedstrijden die op natuurijs werden verreden.
Mannen en vrouwen die moeiteloos 100 en zelfs 200 kilometer reden. De nationale titel over 100 kilometer werd een prooi voor de ijzervreter Jorrit Bergsma. Maar ook namen als Arjan Stroetinga, Jan Maarten Heideman, Gary Hekman, Ingmar Bergma, Ralf Zwitser, Ruud Aerts en Foske Tamar van der Wal beheersten het nieuws. Ik smulde er van. Wat was ik jaloers op deze sportievelingen. De ene na de ander kampioen werd gehuldigd. Graag had ik met hen meegedaan. Het leek mij geweldig om al loerend naar elkaar de laatste kilometers van die slopende tochten te rijden. En dan een splijtende demarrage te plaatsen om zonder concurrentie juichend met de armen ten hemel gestrekt over de finish te komen. Maar mijn tijd was al geweest, ik moest mij beperken tot een bijrolletje in één van de vele toertochten die georganiseerd werden. De Giethoornse Dorpentocht, de Weerribbentocht en de Zwartemeer-Kadoelen Rondtocht bijvoorbeeld.
Maar eigenlijk had ik daar niet zo veel zin in. Helemaal naar de kop van Overijssel, dan schaatsen en dan weer terug. Ik zag dat niet zitten want ik had die prachtige 400 meterbaan van IJsclub Glanerbrug De Voskamp bijna in mijn achtertuin. En die had ook nog eens een geweldige kantine en…… fantastische muziek. En dat was voor iedereen wat wils. Ik genoot van smartlappen, de huidige top 40 platen en van de nostalgische muziek van begin jaren 70, zoals “Der Junge Mit Der Mundharmonica” van Bernd Clüver (die overigens op 63 jarige leeftijd kwam te overlijden door een vervelende val van zijn huiskamertrap, maar dit terzijde). Een bijkomend voordeel was dat ik na verloop van tijd precies wist waar de vervelende scheuren in het ijs zaten. Die kon ik dan mooi ontwijken om ernstige blessures te voorkomen want dat was nog wel eens het geval met fanatiekelingen zoals ik die onder de categorie senioren geplaatst konden worden.
Zaterdagavond 11 januari was ik om 20.30u weer present. Ik genoot en kwam tot ongeëvenaarde prestaties op de tonen van de Achterhoekse streekgroep Normaal met “Oerend Hard”. De volgende dag gingen de Overijsselse Kampioenswedstrijden Kortebaan over 165 meter georganiseerd worden op onze 400 meterbaan. Er werd zelfs melding van gemaakt in de schaatsagenda van dagblad Tubantia. Ik droomde er van mij in te schrijven als de lokale held die regerend Nederlands kampioen Pien Keulstra zijn billen zou laten zien op MIJN thuisbaan. Wat een sensatie! Ik bond mijn schaatsen onder en verkende voorzichtig de baan. Waar zaten de vervaarlijke scheuren! Ik had nog geen volle ronde getrokken of daar lag ik! Mijn schaats was pardoes in een scheur terecht gekomen waaruit geen ontsnappen mogelijk was. En daar lag ik weer. Op mijn rechterzijde maar gelukkig nog niet op topsnelheid. Ik wreef het sneeuwgruis van mijn wollen trainingsbroek en kon gelukkig weer verder. Niets gebroken en ik rijg het ene na het andere rondje aan mijn schaatsen. Nog even bijpraten met het onverwoestbaar blij aanwezige kader en tegen 21.30u zoek ik weer een bankje op om mijn schaatsen uit te doen. Maar wat is dat! Mij rechterkniegewricht laat zich slechts moeizaam en pijnlijk buigen! Toch die val! Ik verman mij, maar dat helpt niet. Het doet zeer en ik moet zelfs tegen mijn tranen vechten. Niet alleen vanwege de pijn maar ook omdat ik zeker weet dat ik morgen dat meisje uit Boekelo dus niet kan verslaan. En dat zou nu net het moment moeten worden dat ik achertaf kan zeggen dat ik haar kon pakken want ik ging OEREND HARD!
Vrijwilligers!
Ik zit er middenin! Ik weet zeker dat velen het zullen herkennen: pubers. Ons gezin is met drie stuks rijk vertegenwoordigd. Het vergt enige plooibaarheid bij mij als vader. Huiswerk, kleding, zakgeld, tijd, afspraken, school, opruimen, etiquette, fatsoen en voorkomendheid. De lijst met zaken die enigszins gestroomlijnd en naar wens van de moeder en….. vader dient te gaan is lang. Met regelmaat stel ik vast dat mijn welgemeende en met de beste bedoelingen gegeven adviezen niet op de juiste plek landen. Sterker nog, vaak tref ik mijzelf aan de overkant van de generatiekloof. Dan hebben mijn raadgevingen weer eens tot die teleurstellende en vaker door mij gehoorde tegenopmerking geleid: "…daar heb je die vervelende man ook weer…". Dan zoek ik maar even de rust van het alleen zijn. En sinds kort kan ik mij zelfs even terugtrekken op onze onvolprezen 400 meter IJsbaan aan de Middenweg in Glanerbrug. Heerlijk even ontspannen door een paar rondjes van 34 te rijden. Even de gedachten verzetten en balancerend van links naar rechts voort te glijden. Met pootje over de bochten in. De koude lucht deert mij niet. Ik zie alleen maar blije gezichten. Prachtig. Na ieder bezoek gaat het beter en ik durf zelfs mijn flodderige zwarte wollen trainingsbroek te wisselen voor een strakke wielerbroek. Nog even en dan volgt ook mijn wielerjasje en ga ik als een professionele, niet van echt te onderscheiden marathonschaatser over de baan.
Op die baan tref ik ook het enthousiaste en hardwerkende vrijwilligerskader. Altijd onverwoestbaar goedgemutst met hun groengeel fluorescerend oplichtende wollen hoofdbedekkingen. Zij maken het toch maar mogelijk dat ik mij op deze baan even kan uitleven. Ik vind het prachtig en die vrijwilligers hebben mijn onvoorwaardelijk sympathie.
Maar wat lees ik daar in dagblad Tubantia van dinsdag 070212! Een artikeltje met als kop "IJsclub Glanerbrug luidt de noodklok". Er wordt geschetst dat de vereniging met een nijpend gebrek aan vrijwilligers kampt. Er dient absoluut wat te gebeuren want anders ziet men geen mogelijkheden meer om de reguliere openingstijden te garanderen. Het initiatief ligt nu bij de inwoners van Glanerbrug (ik woon nog geen 200 meter van de ijsbaan en behoor dus tot de doelgroep). Ik schrik er wat van. Dat had ik dus niet voor mogelijk gehouden.
Ik maak met graagte gebruik van de faciliteiten van de ijsbaan. Ook heb ik wel eens een keertje meegeholpen om de baan sneeuwvrij te maken (met een heerlijke kop dampende erwtensoep als beloning). Maar uit méér dan contributie betalen en bezoekjes aan de schaatsbaan bestaat mijn bijdrage dus niet. Wordt er meer van mij verwacht?
Het was mijn plan om nog diezelfde avond (weer) een paar rondjes te gaan schaatsen. Maar de boodschap uit het krantenartikel ontmoedigt mij. Ik heb er even geen zin in. Ik ben namelijk bang dat het door mij bewonderde kader gaat denken dat ik ook wel eens wat vrijwilligerswerk voor de club kan doen. Misschien krijgen zij wel een hekel aan mij omdat ik zo vaak kom schaatsen zonder daar wat voor terug te doen. Zodra ik met mijn seizoenskaart de kassa passeer zullen zij mij al gespot hebben. En ik hoor hen al denken: "… daar heb je die vervelende man ook weer…!"
{Naschrift van de sitebeheerder: Deze 'vervelende man' werkt al 3 seizoenen naar tevredenheid vrijwillig voor de IJsclub. Zijn 'stukjes' toveren altijd een
op mijn gezicht}.
Disco
Zaterdagmorgen 4 februari 2012 kopt de website van De Telegraaf min 22,9 graden. Ergens in de Noord Oostpolder. Maar ook in Glanerbrug is het zeker een graadje of 15 onder nul geweest. En vandaag doet de zon ook nog eens mee waardoor het een prachtige dag gaat worden. En dus ideale omstandigheden om deze middag wat baantjes te rijden. Vijfentwintig rondjes is mijn doel. En dat betekent dus een kilometertje of 10. Het is druk maar ik kan nog een plekje vinden om mijn schaatsen onder te binden. En dan kan ik op weg. De baan oogt perfect, er ligt alleen wat ijsschraapsel. Alle scheuren zijn verdwenen. Daar moet het kader tot diep in de nacht mee bezig zijn geweest. Wat een opoffering (want ik zat toen aan één van mijn favoriete Belgische biertjes). Er schalt vrolijke muziek uit de luidsprekers en Lady Gaga inspireert mij om op de tonen van het opzwepende “Bad Romance” een PR te rijden. Het gaat steeds beter en ik haal de 25 rondjes moeiteloos. Op de ijsvlakte neem ik nu ook meerdere prachtige tafereeltjes waar. Heel kleine ukkies die met een piepklein stoeltje en met dubbele ijzers onder, diep geconcentreerd aan het krabbelen zijn. Ook enkele Sjoukjes Dijkstra die Rietbergers aan het oefenen zijn.
En dan kondigt de luidsprekerstem van de voorzitter aan dat er geveegd gaat worden (tegen de rijrichting in) en dat het streng verboden is om achter de machientjes aan te schaatsen. Er verschijnen drie ronkende borstelmachientjes op de baan en die lijken achter elkaar aan te jagen (een lang lint van jeugdige schaatsers hangt er achteraan). En zo komt er langzaam duidelijk zicht op de schoongeborstelde ijsbaan. En wordt ook zichtbaar dat er zo hier en daar toch nog wel een (klein) scheurtje zit. Het wordt weer tijd om op te stappen, het gaat naar 16.30u. Het was een fantastische schaatsmiddag. Reden temeer om vanavond wéér te gaan want dan is er…….. DISCO! (of ben ik daar inmiddels toch wel een beetje te oud voor?).
IJs in mijn snor
Op het eind van de zomer 2011 zag ik dat er grootse activiteiten gaande waren rondom onze ijsbaan. De naastgelegen bergingsvijver werd uitgediept en schoongemaakt. Het zou de omstandigheden tot een spiegelgladde ijsvloer deze komende winter kunnen garanderen. Werd dat allemaal van mijn contributiegeld betaald?
Maandagavond 14 november 2011 nam ik waar dat de verlichting van de ijsbaan was ontstoken. Had ik wat gemist, werd er al geschaatst en had ik mijn contributie wel betaald?? Het zou toch niet waar zijn! En natuurlijk was het ook niet waar. Blijkbaar werd de baanverlichting getest. De herfst toonde zich dit najaar op zijn goedmoedigst. En dat past precies in de door velen veronderstelde opwarming van de aarde. En daarom betaalde ik dit jaar mijn contributie ook maar ietsepietsie later dan gebruikelijk want vriezen ging het de komende 1.000 jaar toch niet meer in Nederland. Krentenboom en Hazelaar stonden al in bloei!
De tijd verstreek en het werd 2012. De natuur was compleet van slag want er werden bizar hoge temperaturen geregistreerd. Waarom had ik eigenlijk die volledige gezinscontributie betaald? Schaatsen, dat werd een activiteit waar alleen nog door ouwe lullen met passie over werd gesproken. Nee, dat ging echt niet meer gebeuren. En een Elfstedentocht zou een fossiel gebeuren uit een ver verleden worden. Maar opeens verschenen er eind januari 2012 meerdaagse weersvooruitzichten die Siberische toestanden in Nederland leken te voorspellen. En die voorspellingen kwamen uit! Tijd om de website van IJsclub Glanerbrug te gaan bezoeken. En op die site groeide het ijs in vier dagen aan tot 6,5 centimeter. Vrijdagmorgen 3 februari 2012 zie ik om 07.00u op mijn laptop dat het in Glanerbrug min 14 graden koud is. En dus moet vandaag die laatste halve centimeter er ook wel zijn bijgegroeid. En inderdaad, ik Twitter de hele wereld rond dat het verkeerslicht van onze ijsbaan op groen is gesprongen en dat wij vrijdagmiddag 03 februari 2011 vanaf 13.30u met onze schaatsen op de baan terecht kunnen. Alhoewel, achteraf lijkt dat door mij veronderstelde groen toch eigenlijk wel een beetje geel. En inderdaad het is niet groen, niet geel maar het moet ORANJE voorstellen. Gelukkig verspringt het verkeerslicht dan even later toch van “geel” naar GROEN! Voor mij betekent het dat ik die vrijdagavond vanaf 18.30u met mijn hoge noren de ijsbaan met een bezoek kan vereren. Alhoewel, ik heb dus nog geen toegangskaarten ontvangen (waarom eigenlijk niet, want zoveel te laat was ik toch ook weer niet). Gadverdamme, ik heb geen zin in vervelende discussies bij de kassa. Met lood in mijn hoge noren ga ik naar de entree van de ijsbaan Glanerbrug en wat blijkt, daar liggen mijn vijf gezinstoegangskaarten gewoon gereed. Heel fijn, niks geen gezeur dus en ik mag de baan op.
Op zo’n primitief (maar toch wel handig) houten bankje bind ik mijn stokoude hoge noren onder. Kan ik daar nog wel mee uit de voeten? Ik begin uiterst voorzichtig op de nagenoeg perfect ogende en praktisch windstille (415 meter) baan. Al snel gaat eerst één armpje op mijn rug en dan volgt ook het tweede armpje en al kort daarna dan het “pootje over”. Al snel is het weer genieten, ik verplaats mijn lichaamsgewicht van links naar rechts en glijd soepeltjes voort over het ijs. Het gaat dus lekker. Op het rechte stuk aan de westzijde word ik door het onverwoestbaar enthousiaste kader van de ijsclub geattendeerd op een (door autobanden en markeringslint aangeduide) vervaarlijke scheur in de lengterichting van de baan. Die weet ik keer op keer dus netjes te omschaatsen maar de geniepige scheuren aan de (donkere) zuidoost zijde krijgen mij (klabam) te pakken en ik trek in mijn val een fraai spoor over het licht besneeuwde ijsoppervlak. Gelukkig heb ik niets gebroken en kan ik verder met mijn rondjes van 32 (of zo). De muziekkeus valt mij wat moeilijk deze avond. Rocco Granata met “Marina, Marina, Marina” en Lana del Rey met “Video Games” weten mij nog wel te bekoren maar de rest is mij niet bijgebleven. Dat kan (voor mij wel wat) beter.
Na een klein uurtje houd ik het voor gezien. Niet overdrijven. Terwijl ik mijn noren weer uit doe zie ik alleen maar blije gezichten. De kantine is propvol en ik vraag mij af wat daar dan allemaal wel gaande is. Het barst er van de jeugd (zonder schaatsen) en dus zal het er wel gezellig zijn. Tegen sluitingstijd vertrek ik maar eens naar huis, tot mijn verbazing voel ik dat de door mij uitgewasemde lucht tot ijskristallen is bevroren tussen mijn snorharen. Voor het door mij bewonderde kader volgt nog (dankbaar) nachtwerk(!) want er zullen wat scheuren gedicht moeten worden. En dat gaat vast lukken want op zaterdag 040212 00.10u geeft Buienradar op mijn laptop – 11,6 graden voor Glanerbrug aan. En dat betekent voor mij maar één ding: MORGEN WEER!